6.3.1 Inleiding

In deze regels worden eerst de beginselen besproken (6.3.2).

Daarna komen afzonderlijke concrete spellingkwesties aan de orde, onderverdeeld in:

Kwesties die zich in de concrete praktijk niet voordoen, komen niet aan de orde. Zo ontbreken bij de klinkers de [u] en [uu], omdat die in woorden uit het Hebreeuws en Jiddisj niet voorkomen. (Waar een [oe] wordt gezegd, schrijven we niet u, maar oe.)

Eventuele resterende vragen kunnen worden beantwoord met behulp van tabel 1 en tabel 2.


Vorige paragraaf:
6.3 Omzettingsregels
Volgende paragraaf:
6.3.2 Beginselen