6.3.3 Klinkers

(verantwoording in 7.2, met samenvatting en conclusies in 7.2.5)

6.3.3.1 a of aa?
6.3.3.2 o of oo?
6.3.3.3 i of ie?
6.3.3.4 e of ee?
6.3.3.5 oe of u?
6.3.3.6 sjwa
6.3.3.7 tweeklanken

6.3.3.1 a of aa?

(verantwoording in 7.2, met samenvatting en conclusies in 7.2.5)

  1. Basisregel:
  2. Hoofdregel van tabel 1 (huidige Sefardische uitspraak van Hebreeuws) en tabel 2 (huidig algemeen Oost-Jiddisj):
    We schrijven klinkers in beginsel met een enkele letter, hier dus a,
    voorbeelden: av, davar, Mizrachi

    We schrijven ook een enkele a in een open lettergreep of aan het eind van het woord.
    voorbeelden: halacha, seoeda, Sjoa
     

  3. Waar duidelijk [aa] wordt gezegd, schrijven we aa:

6.3.3.2 o of oo?

(verantwoording in 7.2, met samenvatting en conclusies in 7.2.5)

  1. Basisregel:
  2. Hoofdregel van tabel 1 (huidige Sefardische uitspraak van Hebreeuws) en tabel 2 (huidig algemeen Oost-Jiddisj):
    We schrijven klinkers in beginsel met een enkele letter, hier dus o,
    voorbeelden: Chatsor, kodesj, megilot, sjalom

    We schrijven ook een enkele o in een open lettergreep aan het eind van het woord.
    voorbeelden: kehillo, lachavero, Touro
     

  3. Waar duidelijk [oo] wordt gezegd, schrijven we oo:

6.3.3.3 i of ie?

(verantwoording in 7.2, met samenvatting en conclusies in 7.2.5)

  1. Basisregel:
  2. Hoofdregel van tabel 1 (huidige Sefardische uitspraak van Hebreeuws) en tabel 2 (huidig algemeen Oost-Jiddisj):
    We schrijven klinkers in beginsel met een enkele letter, hier dus i,
  3. Waar duidelijk [ie] wordt gezegd (wat in het Hebreeuws en Jiddisj meestal het geval is), schrijven we ie:

6.3.3.4 e of ee?

(verantwoording in 7.2, met samenvatting en conclusies in 7.2.5)

  1. Basisregel:
  2. Hoofdregel van tabel 1 (huidige Sefardische uitspraak van Hebreeuws) en tabel 2 (huidig algemeen Oost-Jiddisj):
    We schrijven klinkers met een enkele letter, hier dus e,
  3. Waar een [è] wordt gezegd, schrijven we è:
  4. Waar duidelijk [ee] wordt gezegd of waar de uitspraak varieert of tussen kort en lang in ligt, schrijven we ee:

6.3.3.5 oe of u?

(verantwoording in 7.2.6)

  1. Basisregel: Als een [oe]-klank wordt gezegd, schrijven we oe (dus niet: u).
    voorbeelden: Talmoed, targoem, Jom Kipoer, Netanjahoe; oenberoefen
     
  2. Waar de spelling met een u is ingeburgerd, blijft die u gehandhaafd.
    voorbeelden: Qumran (naast: Koemraan); Talmudica, Judezmo

6.3.3.6 sjwa

(verantwoording in 7.2.6)

  1. Basisregel van het Nederlands: De sjwa of 'toonloze e' of 'stomme e' schrijven we met e.
     
  2. Regels bij tabel 1 (huidige Sefardische uitspraak van Hebreeuws) en tabel 2 (huidig algemeen Oost-Jiddisj): We schrijven een e:

6.3.3.7 tweeklanken

(verantwoording in 7.2.7)

  1. Basisregel van het Nederlands: Tweeklanken die eindigen op een [j]-achtige klank, schrijven we ei, ij en ui, en tweeklanken die eindigen op een [w]-achtige klank, schrijven we au, ou en eu.
     
  2. Tweeklanken komen vooral voor in woorden uit het West- en Oost-Jiddisj (ook in het Asjkenazisch Hebreeuws). In het (nog gesproken) Oost-Jiddisj eindigen ze op een [j]-achtige klank, en worden geschreven: ai, ej en oi. In het (niet meer gesproken) West-Jiddisj kunnen ze ook eindigen op een [w]-achtige klank, en worden dan geschreven: au en ou.
    voorbeelden:

Vorige paragraaf:
6.3.2 Beginselen
Volgende paragraaf:
6.3.4 Halfklinkers