6.3.4 Halfklinkers

(verantwoording in 7.3)

6.3.4.1 j of i?
6.3.4.2 w of v?

6.3.4.1 j of i?

(verantwoording in 7.3.1)

  1. We schrijven de halfklinker [j] met een j aan het begin van een lettergreep en tussen twee klinkers,
    voorbeelden: jotserot, minjan, Netanjahoe; attenoje, behoje, Chaja, lajenen
  2. We schrijven de halfklinker [j] met een i aan het eind van een lettergreep.
    voorbeelden: Adonai, beraita, paitan, Sinai

6.3.4.2 w of v?

(verantwoording in 7.3.2)

  1. We schrijven de halfklinker [w] in het algemeen met een v.
    voorbeelden: aveel, bekoved, chavroeta, chelev, eroev, Hatikva, Ivriet, jesjiva, jisjoev, keiveroves, malach hamavet, marchesjvan, mazzel tov, Moree Nevoechiem, Ovadja, sjevariem, teva, tevet, Tisja Beav, tora sjebichtav, veet
     
  2. We schrijven de halfklinker [w] met een w:

Vorige paragraaf:
6.3.3 Klinkers
Volgende paragraaf:
6.3.5 Medeklinkers