Achiahoe

afbreking: Achi·a·hoe [ ? ]
herkomst: Hebreeuws (transcriptieversie) [ ? ]
letterlijk: '(mijn) broer is de Heer';  

  profeet uit Silo; andere naam: Achia-3 (5x: 1 Kon. 14:4 +, 2 Kron. 10:15) [ ? ]

verwant: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie): Achiahu, Achia [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-