beet, bet

afbreking: beet, bet [ ? ]
lidwoord: de  
meervoud: beets, bets  
herkomst: Hebreeuws [ ? ]

 
  1. tweede letter van het alfabet;
  2. getal twee;
  3. huis (als deel van woordcombinaties)
[ ? ]

verwant: Jiddisj: beis [ ? ]
spelling: spelling elders: Bais, Beit, Beth  
zie ook: Sjien Beet, veet  

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-