Chad Gadja

afbreking: Chad Gad·ja [ ? ]
  [uitspraak: Ğadja] [ ? ]
lidwoord: het  
herkomst: Aramees [ ? ]
letterlijk: 'één geitje';  

  lied in de hagada dat na de sedermaaltijd wordt gezongen [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-