choemasj

afbreking: choe·masj [ ? ]
lidwoord: de/het  
meervoud: choe·ma·sjiem  
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'vijftal';  

  Tora, de vijf boeken van Mozes, in de vorm van een gebonden boek [ ? ]

verwant: Jiddisj: choemesj, chommesj [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-