Haäzinoe

afbreking: Ha·ä·zi·noe [ ? ]
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'neig het oor';  

  beginwoord, tevens naam van de perikoop Devariem 32:1-32:52 [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-