Judea

afbreking: Ju·dea [ ? ]
herkomst: Hebreeuws-Nederlands [ ? ]

 
  1. streek van de kustvlakte Hasjefela in het westen tot de Jordaan en de Dode Zee in het oosten, en van Samaria in het noorden tot de Negevwoestijn in het zuiden; naam in OT: Juda-3 (zie nr. 2);
  2. naam van een Romeinse provincie van wisselende omvang (nr. 1-2: 43x in NT)
[ ? ]

verwant: Hebreeuws: Jehoeda [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-