letsan

afbreking: le·tsan [ ? ]
  [uitspraak: leetsan] [ ? ]
lidwoord: de  
meervoud: le·tsa·niem
[uitspraak: leetsaniem]
 
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'spotter';  

  clown [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-