misjpooche

afbreking: misj·poo·che [ ? ]
lidwoord: de  
meervoud: misj·poo·ches  
herkomst: Jiddisj [ ? ]

  familie [ ? ]

verwant: Hebreeuws: misjpacha [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-