mitnagdiem

afbreking: mit·nag·diem [ ? ]
  [uitspraak: mietnağdiem] [ ? ]
lidwoord: de  
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'tegenstanders';  

  joodse religieuze beweging, aanvankelijk van tegenstanders van de chassidiem (chassied), vooral onder Litouwse joden (18de eeuw) [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-