Pirkee Avot

afbreking: Pir·kee Avot [ ? ]
  [uitspraak: Pierkee] [ ? ]
herkomst: Hebreeuws-Aramees [ ? ]
letterlijk: 'hoofdstukken der vaderen';  

  traktaat in het Misjnadeel Nezikien, met ethische uitspraken van de belangrijkste leraren ('vaderen') van de Misjna, in Nederland bekend onder de naam: Spreuken der Vaderen; bekorting: Avot [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-