remez

afbreking: re·mez [ ? ]
  [uitspraak: rèmez] [ ? ]
lidwoord: de  
meervoud: re·ma·ziem
[uitspraak: rəmaziem]
 
herkomst: Hebreeuws [ ? ]

  allegorische of mystieke aanduiding of verwijzing in een Bijbeltekst; soort uitleg waarbij van zulke aanduidingen of verwijzingen wordt uitgegaan [ ? ]

zie ook: pardees  

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-