Rosj Hasjana

afbreking: Rosj Ha·sja·na [ ? ]
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'begin van het jaar';  

 
  1. joods nieuwjaar, op 1 en 2 tisjri; andere namen: Jom Hadien, Jom Hazikaron, Jom Troea;
  2. traktaat in het Misjnadeel Moëed, over Rosj Hasjana;
  3. traktaat in de Talmoed Jeroesjalmi en de Talmoed Bavli, over hetzelfde onderwerp
[ ? ]

verwant: Jiddisj: Rosj Hasjone [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-