sabra, sabre

afbreking: sa·bra, sa·bre [ ? ]
lidwoord: de  
meervoud: sa·bra's, sa·bres  
herkomst: Arabisch [ ? ]
letterlijk: 'cactus';  

  Joodse ingezetene van Israël die in het land is geboren [ ? ]

verwant: Hebreeuws: tsabar [ ? ]
spelling: 'sabra, sabre' is een taalvariant (zie help 7.1.5)  

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-