schorriemorrie, schorremorrie

afbreking: schor·rie·mor·rie, schor·re·mor·rie [ ? ]
lidwoord: het  
herkomst: Bargoens [ ? ]

  gespuis, tuig [ ? ]

spelling: 'schorriemorrie, schorremorrie' is een taalvariant (zie help 7.1.5)  

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-