Sinai, Sinaï

afbreking: Si·nai, Si·naï [ ? ]
lidwoord: de  
herkomst: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie) [ ? ]

 
  1. woestijn met gebergte op het schiereiland tussen de Golf van Suez en de Golf van Akaba; de Israëlieten trekken daar doorheen tijdens hun tocht uit Egypte naar Kanaän (o.a. Ex. 19:1, nr. 1-2: 35x, zie nr. 2);
  2. berg in deze woestijn; de Heer openbaart zich daar via Mozes-1 aan de Israëlieten, geeft hun de Tora en sluit met hen een verbond; andere naam: Horeb (o.a. Ex. 19:11, nr. 1-2: 35x: Ex. 16:1 +, Lev. 7:38 +, Num. 1:1 +, Deut. 33:2, Recht. 5:5, Ps. 68:9 +, Neh. 9:13; ook 4x in NT)
[ ? ]

  Sinai, Sinaï  
verwant: Hebreeuws (transcriptieversie): Sinai [ ? ]
spelling: 'Sinai, Sinaï' is een weergavevariant (zie help 7.1.5)  

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-