touro

afbreking: tou·ro [ ? ]
lidwoord: de  
meervoud: tou·ro's  
herkomst: Asjkenazisch Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'onderwijzing, leer';  

  een exemplaar van de Touro-1 [ ? ]

verwant: Hebreeuws: tora
Jiddisj: toire
Jiddisj ook: toure
[ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-