tsjolent, tsjolnt, tsjoelent

afbreking: tsjo·lent, tsjolnt, tsjoe·lent [ ? ]
  [uitspraak: tsjolənt, tsjoelənt] [ ? ]
lidwoord: de  
herkomst: Jiddisj [ ? ]

  bepaald warm eten voor sjabbat, dat tevoren wordt bereid en vervolgens warm wordt gehouden [ ? ]

verwant: Jiddisj ook: sjalet [ ? ]
spelling: 'sjolent, tsjolnt, tsjoelent' is een taalvariant (zie help 7.1.5)  

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-