zemira

afbreking: ze·mi·ra [ ? ]
  [uitspraak: zəmira] [ ? ]
lidwoord: de  
meervoud: ze·mi·rot
[uitspraak: zəmirot]
 
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'lied';  

  gezang voor sjabbat [ ? ]

verwant: Jiddisj: zemiere [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-