Zeraïem

afbreking: Ze·ra·ïem [ ? ]
  [uitspraak: Zəraïem] [ ? ]
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'zaden';  

  het eerste van de zes delen van de Misjna, hoofdzakelijk over landbouw en landbouwproducten [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-